Tijdens het DPC-Marktcafé bij Fancom kregen de aanwezigen een kijkje achter de schermen van dit automatiseringsbedrijf. Ze konden zich verwonderen over de ontwikkelingen die het bedrijf heeft door gemaakt en over de ambities voor de komende jaren. Ruim 50 leden en belangstellenden van het DPC kwamen op 21 maart naar het DPC-Marktcafé bij Fancom in Panningen. Ze werden welkom geheten door DPC voorzitter Jan Wolleswinkel en Fancom directeur Paul Smits. Deze laatste gaf een korte uiteenzetting van het ontstaan en de plannen van het bedrijf en refereerde daarbij aan de ontwikkelingen in de sectoren waarin het bedrijf actief is. Vorig jaar vierde Fancom haar 40 jarig bestaan. Peter Wijnen begon in 1977 in Beringe met het maken van computers voor de tuinbouw. De vraag rees al gauw of deze systemen ook in de veehouderij toegepast konden worden. In 1979 werd dan ook de eerste pluimvee klimaatscomputer geïntroduceerd. Grote stappen werden gezet toen de varkenssector belangstelling voor automatisering kreeg. Daardoor is deze sector vele jaren de belangrijkste omzet generator voor het Fancom geweest. Tot vorig jaar, toen nam de pluimveesector het stokje over en zorgt nu voor meer dan 50% van de omzet. Voortvarende groei Pluimvee is volgens Paul Smits toonaangevend voor wat betreft innovaties en dan in het bijzonder met het integreren van dataverwerking tussen alle schakels in de keten. Hij is er trots op directeur van zo’n innovatief bedrijf te zijn waar mensen graag en vele jaren (gemiddeld 18 jaar) willen blijven werken. Vorig jaar is het 40 jarig jubileum van één medewerker gevierd en dit jaar is er weer een medewerker 40 jaar bij het bedrijf. De gemiddelde leeftijd van de werknemers is mede door de groei nu aan het dalen, want de nieuwe generatie it-ers begint zich in het bedrijf te interesseren. Fancom heeft sinds 1986 zijn hoofdvestiging in Panningen. Daar in het hoofdkantoor vindt men nu R&D, sales, marketing, administratie en operation. In een naast gelegen pand is productie en opslag gehuisvest. Dit pand is in 2015 betrokken en lijkt volgend jaar al weer te klein te zijn. Of dat tot een uitbreiding in Panningen leidt is niet zeker. Mogelijk wordt een deel van de opslag en productie naar het buitenland verplaatst. Het grootste deel van Fancom’s activiteiten liggen reeds via verkoop ondersteunende distributeurs in meer 60 landen. Schaalvergroting nodig Vooraf aan de rondleiding ging Product Manager Poultry Systems John van Helden nog even dieper in op de historie in en schetste de recente ontwikkelingen binnen de onderneming. Door het succes van Fancom werd internationale interesse gewekt, wat in 1997 leidde tot een overname door het Amerikaanse bedrijf CTB. Intussen is Fancom een intensieve samenwerking aangegaan met de Universiteit in Leuven en de HAS in Den Bosch om hun systemen intelligenter te maken en verder te ontwikkelen voor de praktijk van de veehouderij van de toekomst. De vraag naar dierlijke eiwitten zal wereldwijd sterk toenemen en dat vraagt om schaalvergroting. Maar dan wel, volgens Fancom, op een verantwoorde en duurzame manier waarbij transparantie, voedselveiligheid en dierenwelzijn kunnen worden gewaarborgd. Daarom wil Fancom voor haar klanten optimale condities creëren door hun systemen voor klimaatbeheersing, voerautomatisering, biometrie en data management zodanig op elkaar af te stemmen dat ze elkaar versterken. Biometrie krijgt daarbij de komende jaren veel aandacht omdat daarmee, met behulp van slimme sensoren, zicht- en hoorbaar diergedrag kan worden gemeten waardoor ongewenste gezondheids- en welzijnsaspecten in een zeer vroeg stadium kunnen worden waargenomen en gecorrigeerd. Door inzet van meerdere slimme automatiseringssystemen wordt het mogelijk om veel data te genereren welke via data analyse ondernemers informatie kan verschaffen die de bedrijfsvoering verder kan optimaliseren. En daarin ziet Fancom een belangrijke taak voor zich weggelegd. De rondgang door het bedrijf ondersteunde de introducties en gaf een goede indruk van het gecompliceerde karakter van een automatiseringsbedrijf in de veehouderij. Tijdens de aansluitende netwerkborrel werd daar nog intensief over door gepraat.
©2015 Dutch Poultry Centre