De tweede editie van Poultry Africa, gehouden op 2 en 3 oktober in de Rwandese hoofdstad Kigali, is een groot succes geworden. Deze tentoonstelling en conferentie voor de pluimveeindustrie in de Sub Sahara regio van Afrika telde 128 exposanten (w.v. 28 uit Nederland) uit 29 landen en trok ongeveer tweeduizend bezoekers uit alle delen van Afrika.

Tijdens de conferenties en seminars werd duidelijk dat de pluimveesector flink in de lift zit en dat de honger naar kennis groot is. Die kennisvraag komt van kleinschalige projecten, waar nog heel basale zaken ontwikkeld moeten worden, tot meer gesofisticeerde grootschalige ondernemingen. Pluimveevlees en eieren wordt door de overheden gezien als de belangrijkste leverancier van dierlijk eiwit voor de humane consumptie. Dat werd extra benadrukt door Ms. Geraldine Mukeshimana, de Minister van Landbouw van Rwanda, tijdens haar openingswoord van het evenement. Voor haar is de keuze tussen het importeren van voedsel voor mensen of voer voor dieren gemakkelijk. Haar streven naar een hoge zelfvoorzieningsgraad bevordert de landbouwproductie en daarmee ook de pluimveehouderij. Met hulp van buitenlandse partners kan de lokale productie van voedergewassen worden verbeterd , evenals de samenstelling en fabricage van voer. Een groot probleem is nog het handhaven van een goede diergezondheid en bio-security, maar ook daar wordt veel aandacht aan besteed.

Inspiration seminar

De Nederlandse inbreng tijdens Poultry Africa was groot. Zo organiseerde het Netherlands African Business Council (NABC) samen met Het Dutch Africa Poultry Platform (DAPP) een seminar  over het opzetten van een moderne pluimveebusiness in Africa waarbij veel aandacht aan productie efficiency en vermarkting van het eindproduct werd besteed. Kip van Oranje hield een grote groep belangstellenden van het Holland Inspiration Seminar voor hoe je klein kunt beginnen om groter te worden. Daarbij werden prachtige productie en financierings voorbeelden uit Afrikaanse landen getoond. Ook tijdens dit seminar, wat onder leiding stond van de Nederlandse Landbouwattaché Carian Meiijes, was een ruime vertegenwoordiging van de Rwandese overheid aanwezig. De directeur generaal van het Ministerie van Landbouw, Dr. Theogene Rutagwenda , en de vice DG Dr. Solnge Uwituze, kregen na afloop uit handen van Piet Simons het speciaal voor deze gelegenheid uitgebrachte boek ‘Poultry Signals African edition’, overhandigd. Dit boek, van uitgegeverij Roodbont uit Zutphen, is een bewerking van Poultry Signals waarbij extra aandacht is besteed aan de Afrikaanse omstandigheden zoals klimaat, houderijsystemen en ziekten. Ook zijn de foto’s van personen vervangen door Afrikanen. Deze speciale uitgave van Poultry Signals is vooral met financiële steun van Dutch Poultry Centre en VIV tot stand gekomen.

Ei promotie

De eiconsumptie in Rwanda is nog maar 13 eieren per persoon per jaar, Laag ten opzichte van een kleine 50 eieren gemiddeld in Afrika en 165 eieren per persoon per jaar wereldwijd. Eieren zijn van immens belang voor de voeding van de mens.Zo vertelde Mevr. Comfort Kyerwa Acheampong uit Ghana in haar inleiding tijdens de Leadership Conference. Daarin vertelde ze hoe hun ei-promotie programma in een relatief korte tijd de consumptie van eieren in Ghana fors heeft doen laten stijgen.  Om ook in andere landen de promotie van eieren van de grond te krijgen werd op de laatste dag van de beurs in de buitenlucht onderleiding van de Nederlandse ambassadeur in Rwanda, Mathijs Wolters, een ei-promotie event gehouden. Een viertal Afrikaanse dames en Piet Simons ondersteunden hem met korte ei-consumptie bevorderende verhalen. Tijdens deze verhalen werden uiteenlopende ei-gerechten geserveerd aan de bezoekers, waaronder een klas lagere school kinderen. Zij hebben zichtbaar van de eieren kunnen smullen en maakten er een fantastische bijeenkomst van.

 

Het laatste marktcafé van 2019 vond plaats in Hendrik-Ido-Ambacht bij vloeren specialist Bolidt. Een bijzonder en verrassend bezoek in een kleurrijke en inspirerende omgeving.

Op 9 oktober gingen een dertigtal DPC-ers naar Henrik-Ido-Ambacht  om het DPC-Marktcafé te bezoeken. De bijeenkomst was belegd bij Bolidt, een bedrijf dat vloeren maakt. Velen reisden af, niet wetende wat ze konden verwachten. Eenmaal aangekomen bij de nieuwe Bolidt Campus, gelegen aan de oevers van de Noord, had menigeen het gevoel van ,’ ben ik hier wel op het goede adres’. Bij een vloerenmaker denk je niet direct aan een ultra modern gebouw wat je bij binnenkomst het gevoel geeft dat je de toekomst bent binnengestapt. Een nieuwe wereld die op geen enkele wijze een link met de pluimveesector lijkt te hebben. Maar na de ontvangst werd het de bezoekers al snel duidelijk waarom zij bij Bolidt op bezoek zijn. Ze leveren kunststof gietvloeren voor broederijen, slachterijen, ziekenhuizen, industriële complexen, schepen, wegen, utiliteitsbouw en sportvoorzieningen.

Denken aan de toekomst

Bolidt is 55 jaar geleden door twee dertigers, de heren Bol en Schmidt, opgericht. Beiden werkten toen bij Sikkens, de één had een weg-en waterbouw achtergrond en de ander was scheikundige. Gedreven door het motto: “If you don’t think about the future, you cannot have one”, verlieten ze het verfbedrijf om andere toepassingen voor kunstharsen te ontwikkelen. Ze richtten Bolidt Maatschappij tot Exploitatie van Kunststoffen en Bouwwerken op en focusten zich op het maken van vloeren. “Nu, 55 jaar later leeft de gedachte nog altijd voort en denken wij bij Bolidt elke dag aan het invullen van de toekomst met kunststof als hoofdingrediënt. Onze missie is om traditionele materialen te vervangen om een bijdrage te leveren aan een betere leefomgeving en milieu op gebied van veiligheid, duurzaamheid, energie & data, design en hygiëne. Daarbij maken we zo veel mogelijk gebruik van natuurlijke grondstoffen die bij vervanging geen belasting voor de natuur zijn”, zo zei gastheer Michel van der Spek, marketing directeur van Bolidt, in zijn welkomstwoord.

Een eyeopener

Tijdens de rondleiding door het bedrijf kom je snel onder de indruk van alles wat je ziet en welke mogelijkheden er bij het aanbrengen van vloeren zijn. Naast kleuren en soorten vloeren spreken ook de naadloos ingelegde vormen tot de verbeelding. Vloeren met antibacteriële werking zijn voor Bolidt geen Utopia meer. Dat maakt hen zo speciaal voor het aanbrengen van vloeren in ziekenhuizen, slachterijen en broederijen. Voor elke bedrijfsruimte heeft het de vloer met de juiste eigenschappen; slijtvast, stroef en bestand tegen mechanische belastingen.

Naast industriële vloeren biedt Bolidt via hun dochterondernemingen, zoals Esthec en Ode aan de Vloer, vloeren voor de particuliere markt aan.

Het bezoek aan Bolidt was voor menig DPC lid een eyeopener en voldeed daarmee ten volle aan het doel van het marktcafé. De dank aan de gastheer en gastvrouwen was daarom groot en werd ondersteund met het overhandigen van aardigheidje door DPC voorzitter Jan Wolleswinkel. Deze vermelde bij de aanvang van de bijeenkomst dat het ledental van het DPC weer is uitbereid door de toetreding van Dr. Pieter Poultry Consultancy (Pieter Kühne) uit St. Oedenrode en adviesbureau Honderd Pro Cent (Cent van Vliet) uit Leiden. En verwees bij de afsluiting nog even naar deDPC- eindejaarsbijeenkomst op 20 november.  

Bolidt in cijfers:

  • Opgericht in 1965 door 2 personen
  • Nu zijn er 462 werknemers, 20 nationaliteiten
  • Jaaromzet €100 miljoen en 1000 projecten per jaar
  • Aan elk project werken gem. 10 mensen
  • Applicatie-uren 750.000
  • Kunststof productie/verbruik per jaar 12 miljoen kilo

DSCF7739

DSCF7741

door Andries de Vries

Inmiddels zijn we dat wel gewend; een groep Chinese gasten die in enkele dagen kennis willen maken met de Nederlandse pluimvee sector. Dat lukt natuurlijk nooit volledig, maar we proberen ze wel in die dagen te laten ervaren dat de Nederlandse productie omstandigheden en de consumenten wensen steeds weer nieuwe innovaties opgang brengen.  Dat vertaalt zich zichtbaar in producten, equipment en productie methoden. Maar meer nog in knowhow over het daadwerkelijk werken met nieuwe systemen en de vereiste kennis van mensen om er mee om te kunnen gaan.

Verkopen van productiemiddelen, ontstaan via de “Dutch Approach” is meestal meer consultancy en begeleiding van de implementatie van nieuwe ontwikkelingen dan het leveren van de apparatuur of producten zelf.

De groep bestond o.a. uit de president van de Chinese pluimvee organisatie en van de vleeskuikenorganisatie,  de directeur/secretaris van die organisaties en enkele afgevaardigden van grote pluimvee productie ketens. 
We bezochten Vencomatic waar “early feeding” centraal stond.  Er werd uitgebreid stil gestaan bij het Patio en X-track concept.  Onze Chinese gasten waren onder de indruk van deze innovatieve methoden.

Mr. Brian van Hooff  van VDL Agrotech ontving de gasten eerst op het bedrijf in Eindhoven en gaf een helde uitleg hoe ze daar innovaties organiseren, aan de hand van een volledig nieuw ontwikkelde voerpan, die vermorsen van voer tot het uiterste minimum beperkt.  Daarna bezochten we vleeskuikenbedrijf. Daar stond de echte praktijk centraal. Hoe runt een Nederlandse pluimveehouder zijn bedrijf en hoe maakt hij gebruik van al die nieuwe technieken.

Een onderdeel van een heel andere orde was het bezoek aan Eares Praktijk Centrum (voorheen PTC+). Het werd de gasten duidelijk dat de Nederlandse pluimvee sector tot hoge resultaten komt door  sterk ontwikkeld onderwijs systeem en door diverse organisaties die voor de sector op de bres staan. Jan Wolleswinkel sprak hierover vanuit zijn functie als voorzitter van DPC maar ook vanuit zijn rol in het verleden bij de belangenbehartiging voor pluimveehouders en in het overleg tussen overheid en sector.

Vervolgens gaf men vanuit Eares Praktijk Centrum een korte training over kennisoverdracht. Ook nu weer was men onder de indruk van de Nederlandse aanpak waar techniek vooral succesvol wordt ingezet omdat die wordt begeleid door deskundigheid. En ook omdat  permanent wordt ingezet op de vakbekwaamheid en competentie ontwikkeling van alle werkenden in de sector.

Blijft er iets hangen van een dergelijk bezoek? We hebben de indruk van wel. Concreet door al een vraag voor een nieuw bezoek (vanuit de CAAA) en de vraag om de “Dutch Approach” van onze leden in China nader voor het voetlicht te brengen.

20190402 1004 bezoek aan Eares praktijkcentrum Chinese delegatie CAAA Broilers 06

Vorige week hebben wij ons 100ste lid mogen verwelkomen! Het is het bedrijf KSE Process Technology uit Bladel https://www.kse.nl/. Een super mooie mijlpaal, waar wij als Dutch Poultry Centre ontzettend trots maar vooral heel blij mee zijn.

large kse gebouw06

Van den Brink Montage uit Kootwijkerbroek groeide in 18 jaar uit van een lokaal montage bedrijf naar een internationaal opererend staalconstructiebedrijf. Het heeft in de landbouw een sterke positie opgebouwd door het aanbod van solide en efficiënte bouwwerken die als lego-blokjes snel kunnen worden neergezet.

Door Wiebe van der Sluis

Op 3 april was het DPC marktcafé te gast bij Bincx in Kootwijkerbroek. Het staalbedrijf is een van de jongste leden van het DPC en wilde zich voorstellen. Gerbrand van den Brink, tot enkele jaren terug werkzaam bij Jansen Poultry, deed dat op een voortreffelijke manier. Hij nam de bezoekers na het welkomswoord van DPC-voorzitter Jan Wolleswinkel door middel van een powerpoint-presentatie mee door de geschiedenis van dit jonge bedrijf. Het begon allemaal in 2001 als Van den Brink Montage. Het is opgericht door Wilco van den Brink, een neef van Gerbrand. De meeste bouw en montage werkzaamheden kwamen in het begin uit de agrarische sector. Maar ook kwamen er gaandeweg opdrachten om hallen te bouwen voor de industrie. Het bedrijf groeide en ging vanaf 2010 zelf staalbouw elementen fabriceren. De bouw en montage werkzaamheden bleven niet beperkt tot de Nederlandse markt. Via via, ook via DPC leden, kwamen er meerdere opdrachten vanuit het buitenland. Dat bracht Gerbrand er toe om bij zijn neef te gaan werken. Hij had bij Jansen Poultry ervaring met de internationale pluimveemarkt opgedaan en had daardoor een goede ingang bij belangrijke spelers in de internationale stallenbouw-business.

Verandering van naam

Door overnames en de ontwikkeling van nieuwe markten bleef Bincx groeien. Intussen zijn er 70 mensen werkzaam bij het bedrijf, waaronder een team van bouwkundigen die de noodzakelijke ontwerpen en berekeningen voor projecten in binnen- en buitenland maken. In 2016 nam Van den Brink het in Vlaardingen gevestigde Libbenga Staalbouw over, een staalconstructiebedrijf voor de petrochemische industrie, energiemarkt, distributiecentra, stations, kantoren en hotels. Hun pakket van engineering tot en met montage on-site sloot perfect aan bij de activiteiten van Van den Brink en zorgde voor een versteviging van het fundament onder de totale onderneming.  Jaarlijks worden enkele honderden stallen en bedrijfsgebouwen opgeleverd, waarbij de meeste buitenlandse bouwopdrachten onderdeel  zijn van een turn-key project van internationaal opererende stalinrichters.

Mede door de groei van de onderneming en de internationale activiteiten is de naam Van den Brink Montage in 2018 veranderd in Bincx. Het bedrijf is ISO en FSC gecertificeerd en richt zich geheel op duurzaamheid.

De rondleiding door het 8000m2 grootte bedrijfscomplex  gaf een indrukwekkend beeld van de complexiteit van het staalconstructiebedrijf. Elk project wordt voor zo ver mogelijk in de fabriek voorbereid zodat het net als lego-blokjes op de bouwplaats snel in elkaar kan worden gezet.

Aan het eind van de presentatie en rondleiding bedankte DPC-voorzitter Jan Wolleswinkel Gerbrand en Wilco voor de ontvangst en wenste hen succes met de onderneming. Hij herinnerde de aanwezigen er verder op dat op 5 juni het Nationaal Pluimveecongres zal plaatsvinden in Hotel Van der Valk in Veenendaal en op 3 juli is de jaarlijkse BBQ in het Pluimveemuseum in Barneveld.

Van den Brink 1

© 2019 Dutch Poultry Centre